Miljoenennota 2027: de belangrijkste zorggerelateerde voornemens op een rij
Op Prinsjesdag presenteerde het kabinet-Jetten de Miljoenennota 2027. Nadat wij eerder het coalitieakkoord 2026-2030 bespraken en de belangrijkste zorggerelateerde punten daaruit op een rij zetten (zie daarover onze blog van februari), belichten wij in dit nieuwsbericht welke van die plannen het minderheidskabinet – dat voor uitvoering van de begroting afhankelijk is van steun van andere partijen – nu concreet heeft uitgewerkt in de rijksbegroting voor 2027 en welke financiële keuzes het kabinet daarbij maakt voor de zorgsector.
Structurele groei van de zorguitgaven
De Miljoenennota bevestigt de trend die het coalitieakkoord al signaleerde: de druk op de collectieve zorguitgaven blijft toenemen. De uitgaven aan de zorg komen in 2027 uit op €118 miljard en behoren daarmee tot de hoogste kostenposten van het kabinet . De zorguitgaven groeien tussen 2026 en 2031 verder met €6 miljard, vooral door vergrijzing, technologische ontwikkeling en de achterblijvende arbeidsproductiviteit in de zorg. Vergrijzing leidt op dit moment bovendien tot een groot tekort aan (onder andere) zorgpersoneel. Omdat groei van zorgkosten op termijn ten koste gaat van investeringsruimte elders in de begroting, zet kabinet in op verschillende beleidsmaatregelen om de toename van de zorguitgaven af te remmen.
Deze koers sluit aan bij de ambitie uit het coalitieakkoord om passende zorg de norm te maken, waarbij alleen zorg met bewezen meerwaarde nog wordt vergoed en prikkels tot overbehandeling worden verminderd. In dat verband is ook de kamerbrief van minister Hermans van 1 juni 2026 relevant, waarin het kabinet de voornemens uit het coalitieakkoord al concretiseerde met de volgende voorgenomen maatregelen:
- Via wet- en regelgeving actiever sturen op de organisatie van zorg in de regio, door:
- Landelijke kaders en minimale eisen voor zorgaanbieders te verscherpen en te verduidelijken;
- Wettelijk vast te leggen dat zorgaanbieders in samenspraak met zorginkopers verplicht zijn om constructief en gedegen deel te nemen aan het opstellen en uitvoeren van regionale plannen voor een passend zorglandschap;
- Ervoor te zorgen dat regionale plannen over het zorglandschap daadwerkelijk en niet-vrijblijvend richting geven aan alle zorgaanbieders in de regio.
- Zorgverzekeraars meer instrumenten geven om te waarborgen dat zorg passend is, door:
- De vergoeding van niet-gecontracteerde zorg af te schaffen, waardoor zorgverzekeraars passende zorg kunnen afdwingen met contractering;
- De informatiepositie van zorgverzekeraars te verbeteren, om scherper onderscheid te kunnen maken tussen passende en niet-passende zorg.
- Specifiek voor de msz tot betere differentiatie van tarieven in de contractering komen, door:
- Op basis van overleg met de NZa en veldpartijen te komen tot duidelijkere kaders voor eerlijke, gedifferentieerde tarieven.
Het kabinet beoogt deze maatregelen eind 2027 als wetspakketten aan de Kamer aan te bieden.
In dat kader is het jammer dat de eerder door de NZa en het Zorginstituut Nederland bepleite sectoroverstijgende betaaltitel voor zorg uit de Zorgverzekeringswet er voorlopig niet gaat komen. Deze sectoroverstijgende betaaltitel was bedoeld om samenwerking tussen zorgaanbieders in de curatieve zorg structureel te bekostigen, maar volgens de NZa bestaat onder zorgverzekeraars nog onvoldoende draagvlak voor een dergelijk instrument. Voordat dit kan worden geïntroduceerd, zouden eerst nadere uitwerking en keuzes nodig zijn. Juist nu het kabinet inzet op passende zorg als norm en regionale samenwerking wil bevorderen, is het gebrek aan voortgang op dit punt een gemiste kans.
Aanpak zorgfraude krijgt budgettair vervolg
Het coalitieakkoord kondigde al een felle aanpak van zorgfraude aan, met aangescherpte normen voor verantwoord ondernemerschap in de zorg. In de Miljoenennota is opgenomen dat de aanpak van zorgfraude taakstellend structureel €50 miljoen opleveren. De uitwerking daarvan wordt nog nader bepaald. Ook de eerdergenoemde kamerbrief van 1 juni 2026 adresseert dit thema: het kabinet zet ook in op aanscherping van de normen voor integere bedrijfsvoering via het wetsvoorstel Wet integere bedrijfsvoering zorg- en jeugdhulpaanbieders (Wibz).
Het blijft afwachten hoe deze taakstelling concreet wordt ingevuld. Mogelijk vergroot de recent toegenomen aandacht voor de problematiek rondom malafide zorgbureaus de urgentie van een effectieve aanpak van zorgfraude. Zie ook ons nieuwsbericht over de aanpak van zorgfraude.
Eigen risico: verhoging met een jaar uitgesteld
In het coalitieakkoord was al aangekondigd dat het eigen risico wordt gehandhaafd, zij het geïndexeerd en verhoogd met €60 per 2027. In de Miljoenennota wordt deze verhoging met een jaar uitgesteld: de verhoging van het eigen risico wordt uitgesteld naar 2028. De zorguitgaven in 2027 stijgen daardoor met €1 miljard. Het verplichte eigen risico stijgt volgend jaar wel met de inflatie mee naar, €400 euro. Als gevolg van het uitstel van de verhoging wordt ook de inzet van de envelop voor zorgkosten van chronisch zieken een jaar uitgesteld naar 2028.
Intensiveringen: palliatieve zorg, preventie en ondersteuning voor kwetsbare gezinnen
Naast de bezuinigingsopgave bevat de begroting ook gerichte intensiveringen voor de zorg. Zo zet het kabinet het budget van 2026 voor palliatieve zorg en hospices door met een structurele intensivering van €18 miljoen. Het ministerie van VWS investeert daarnaast extra in preventie en kansengelijkheid: €25 miljoen euro gaat naar gemeentelijke en maatschappelijke ondersteuning van kwetsbare gezinnen, €40 miljoen naar een wijkgerichte aanpak van kwetsbare groepen, €23 miljoen naar gratis schoolfruit en €26 miljoen naar sportaccommodaties. Daarnaast reserveert het kabinet voor de periode 2028 tot en met 2031 incidenteel cumulatief €400 miljoen voor een inhaalcampagne gordelroosvaccinatie.
Hoewel deze investeringen in preventie wat ons betreft een stap in de goede richting zijn, staan zij in schril contrast met de potentiële baten die een structureler preventiebeleid zou kunnen opleveren in de vorm van lagere zorgkosten op langere termijn. In de praktijk ontstaat wel steeds meer aandacht voor resultaatfinanciering als mogelijke oplossing voor deze mismatch tussen kosten en baten: door de voorfinacniering/bekostiging van preventieve interventies te koppelen aan aantoonbare gezondheidsuitkomsten, kunnen de partijen waar de baten uiteindelijk landen worden gevraagd om betaling voor – en daarmee uiteindelijk van – het bereikte resultaat.
Conclusie
Waar het coalitieakkoord 2026-2030 vooral de politieke ambities voor de zorg schetste, laat de Miljoenennota 2027 zien hoe het kabinet deze ambities voorlopig financieel invult. Opvallend is dat het kabinet op een aantal punten kiest voor uitstel in plaats van directe uitvoering, zoals bij de verhoging van het eigen risico en de daaraan gekoppelde envelop voor chronisch zieken. Bovendien geeft de miljoenennota nog steeds weinig inzicht in de concreet te verwachten maatregelen, waardoor onzekerheid over aankomend beleid blijft bestaan.
Tegelijkertijd bevestigt de begroting dat de structurele groei van de zorguitgaven door vergrijzing en technologische ontwikkeling onverminderd doorzet. Het kabinet ziet dit als onderstreping voor de noodzaak van de in het coalitieakkoord aangekondigde hervormingen.
Wilt u meer weten? Neem dan contact op met één van onze collega’s van het Healthcare & Life Sciences team.