Derde wetsevaluatie WNT gepubliceerd: opvallende bevindingen voor de zorgsector
De derde wetsevaluatie van de WNT is gepubliceerd. Op 8 mei 2026 heeft de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het evaluatierapport aan de Tweede Kamer aangeboden. Het rapport is opgesteld door SEO Economisch Onderzoek in opdracht van het ministerie van BZK en beoordeelt de doeltreffendheid en doelmatigheid van de WNT over de periode 2019–2023.
Het rapport bevat bevindingen en een duiding van de werking van de wet in de praktijk; het doet geen aanbevelingen en bevat geen wijzigingsvoorstellen. In het najaar zal de staatssecretaris een brief naar de Tweede en Eerste Kamer sturen met de inhoudelijke reactie van het kabinet op de bevindingen.
Hoofdbevindingen
SEO concludeert op basis van de evaluatie in algemene zin dat de WNT doeltreffend is in het tegengaan van overmatige bezoldigingen – het aandeel topfunctionarissen met een overschrijding van het bezoldigingsmaximum is gedaald van 2,1% in 2019 naar 1,1% in 2023.
Op het punt van de openbaarmakingsplicht is de wet minder doeltreffend: slechts de helft van de WNT-instellingen heeft een volledig correcte verantwoording online gepubliceerd. De meest voorkomende overtredingen zijn het niet voldoen aan de online publicatieplicht, het volledig ontbreken van een verantwoording en een onjuiste en/of onvolledige verantwoording.
De doelmatigheid van de wet lijkt volgens SEO geborgd in standaardsituaties, maar staat onder druk bij complexere casussen – met name bij intra-groep-detachering, deeltijdconstructies, tussentijdse wijzigingen in aanstellingsomvang of het vervullen van meerdere functies in één kalenderjaar.
Vier relevante bevindingen voor de zorgsector
-
VWS-instellingen verantwoordelijk voor het overgrote deel van de vastgestelde overtredingen van het bezoldigingsmaximum
Instellingen vallend onder het toezicht van VWS begaan de meeste overtredingen van het bezoldigingsmaximum: meer dan 80% van het totale aantal vastgestelde overtredingen valt binnen die sector. In totaal zijn er over de verslagjaren 2019–2023 118 unieke overtredingen in de WNT-jaarrapportages opgenomen. De onderzoekers hebben geen verklaring gevonden waarom VWS-instellingen zo onevenredig vaak in overtreding zijn.
Een mogelijke verklaring zou kunnen liggen in de systematiek van de puntentelling die onderdeel is van de sectorale regeling voor de zorg en jeugdhulp (de Regeling bezoldigingsmaxima topfunctionarissen zorg en jeugdhulp), op basis waarvan zorginstellingen in een van de vijf bezoldigingsklassen worden ingedeeld.
Die puntentelling kent een component Kennisintensiteit, waarbij punten worden toegekend aan de hand van de soort zorginstelling. De aanduidingen in de bijbehorende tabel zijn echter niet gedefinieerd in de regeling, waardoor in de praktijk interpretatieverschillen kunnen ontstaan over de vraag welke aanduiding op een instelling van toepassing is. Zo rijst bijvoorbeeld de vraag of een Jeugd-GGZ-instelling kwalificeert als ‘instelling voor geestelijke gezondheidszorg’ (4 punten) of als ‘instelling/rechtspersoon voor jeugdhulp’ (3 punten) – een verschil dat, afhankelijk van de totaalscore, kan doorwerken in de klassenindeling en het toepasselijke bezoldigingsmaximum.
Daarnaast bevat de bijlage een vangnetbepaling voor rechtspersonen of instellingen die niet in de tabel zijn opgenomen: die worden ingedeeld aan de hand van het vereiste opleidingsniveau voor het primaire proces. Die vangnetbepaling sluit beter aan bij de ratio achter de component Kennisintensiteit, maar kent qua formuleringen ook nadrukkelijk ruimte voor interpretatieverschillen.
De werking en duidelijkheid van de puntentellingsystematiek van de sectorale regeling is niet in de derde wetsevaluatie betrokken. Naar onze mening zou het de moeite waard zijn om ook de inhoud van de bijlage bij de sectorale regeling en de daarin opgenomen systematiek voor de puntentelling – in het bijzonder de component Kennisintensiteit – nader te bezien.
-
Openbaarmakingsplicht: VWS scoort het laagst
Instellingen vallend onder het toezicht van VWS hebben ook het minst vaak een volledig correcte WNT-verantwoording gepubliceerd (41%). De verschillen binnen de VWS-sector zijn groot: bij VWS-Ziekenhuizen heeft 100% een complete verantwoording gepubliceerd, terwijl bij VWS-Jeugd 62% van de instellingen geen WNT-verantwoording heeft gepubliceerd en slechts 34% een complete verantwoording heeft. In de categorie VWS-Zorg heeft 51% geen WNT-verantwoording gepubliceerd en heeft slechts 42% een complete verantwoording.
-
Intra-concern-detachering: een specifiek en veelvoorkomend knelpunt in de zorg
De regelgeving rondom intra-groep-detachering wordt door meerdere respondenten benoemd als onnodig ingewikkeld. De wetsevaluatie bevestigt dat intra-groep-detachering met name in de zorg veel voorkomt en voor problemen zorgt, zowel bij de instellingen als bij accountants.
De NBA heeft Alert 47 uitgegeven over de problemen bij de accountantscontrole van de WNT-verantwoording, met name bij intra-groep-detachering van topfunctionarissen. De WNT en de uitvoeringsregelgeving bieden onvoldoende duidelijkheid over de toerekening van bezoldiging en kosten aan afzonderlijke instellingen binnen een groep, waardoor accountants een oordeelonthouding of een verklaring met beperkingen moeten afgeven.
-
Werving en behoud van topfunctionarissen in de zorg onder druk
De wetsevaluatie signaleert als neveneffect dat de WNT-maxima de aantrekkelijkheid van topfuncties beperken, met name bij grote zorginstellingen met omvangrijke bestuurlijke verantwoordelijkheid. Respondenten wijzen op het verschil tussen publieke en private beloningsniveaus en geven aan dat vacatures daardoor langer openstaan of dat het aantrekken van ervaren bestuurders moeilijker wordt. Een bijkomend spanningsveld doet zich voor waar schaars technisch, academisch of medisch personeel marktconform wordt beloond: in sommige gevallen ligt die beloning hoger dan het voor de topfunctionaris geldende maximum.
De bevindingen over werving en behoud zijn naar onze mening een concrete aanleiding om in het kader van de opvolging van deze evaluatie ook de regelgeving rondom (individuele) uitzonderingsverzoeken op de sectorale bezoldigingsmaxima te heroverwegen. Wij berichtten eerder over de procedureregels voor uitzonderingsverzoeken die zijn opgenomen in de sectorale WNT-regeling voor de zorgsector. De ervaringen in de praktijk – en de bevindingen uit deze evaluatie – onderstrepen dat de drempel voor een uitzonderingsverzoek laag genoeg moet zijn om daadwerkelijk als vangnet te kunnen fungeren bij de werving van topfunctionarissen voor wie het reguliere maximum niet toereikend is.
Bredere WNT-context: wetsvoorstel Tweede Evaluatiewet WNT
Deze derde wetsevaluatie volgt vlak op het wetsvoorstel voor de Tweede Evaluatiewet WNT die afgelopen december (2025) ter internetconsultatie is aangeboden, als opvolging van de uitkomsten van de tweede wetsevaluatie. Wij berichtten hierover eerder.
De in dat wetsvoorstel voorgestelde regelingen rondom de verantwoording – waaronder de introductie van een standaard verantwoordingsmodel en een verplichting tot een deugdelijke administratie – zullen naar verwachting al grotendeels tegemoetkomen aan de in deze derde wetsevaluatie geconstateerde tekortkomingen op het gebied van openbaarmaking. Datzelfde geldt voor de in het wetsvoorstel beoogde indexatie van de maximale ontslagvergoeding: de wetsevaluatie signaleert dat respondenten het huidige maximum van EUR 75.000 niet proportioneel vinden in verhouding tot de zwaarte van de functie en de bijbehorende risico’s, mede omdat het bezoldigingsmaximum en andere vertrekvergoedingen wel zijn meegegroeid.
Mogelijk zullen de bevindingen van de derde evaluatie aanleiding geven tot aanvullende of opvolgende verbeteringen, maar de kamerbrief geeft er geen blijk van dat de staatssecretaris de bevindingen al betrekt bij het wetsvoorstel dat nog aan de Kamer moet worden voorgelegd. De kabinetsreactie op de derde evaluatie volgt in het najaar van 2026.
Heeft u vragen over de WNT? De specialisten van Van Doorne adviseren zorginstellingen en andere WNT-plichtige organisaties over WNT-compliance, de sectorale bezoldigingsregeling en de klassenindeling. Neem contact op met Willemien Bischot, Steven Sterk of Lieke Bartelsman.