Nieuws
7 min read

Het coalitieakkoord 2026-2030: de belangrijkste zorggerelateerde punten op een rij

19 februari 2026

Op vrijdag 30 januari presenteerden de fractievoorzitters van D66, VVD en CDA het coalitieakkoord 2026-2030 ‘Aan de slag’.

Ten aanzien van de zorg werd al snel duidelijk dat er aanzienlijk bezuinigd zal gaan worden. Wij namen het coalitieakkoord verder onder de loep en zullen de belangrijkste punten met betrekking tot de plannen voor de zorg nader toe lichten en geven onze visie daarop.

Een gezonde samenleving. Dat is de term die de kern vormt van de plannen met betrekking tot de zorg in het coalitieakkoord. De plannen worden ingeleid door te benadrukken dat goede gezondheid en goede zorg van onschatbare waarde zijn. Zonder ingrijpen stevent de zorg af op een zorginfarct door stijgende zorgvraag, vergrijzing en personeelstekorten aldus de coalitiepartijen. Op korte termijn worden daarom maatregelen genomen om toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid te verbeteren, terwijl de staatscommissie zorg aanbevelingen zal moeten gaan doen over een financieel houdbaar zorgstelsel voor de langere termijn.

Meer concreet doen de coalitiepartijen de volgende voorstellen:

Preventie: voorkomen is beter dan genezen

Het kabinet wil bouwen aan de gezondste generatie ooit, met fundamentele verschuivingen van zorg naar gezondheid, van behandelen naar voorkomen, en van individuele oplossingen naar een sterke sociale basis. Meer concreet wordt voorgesteld om te investeren in:

  • gratis schoolfruit;
  • strengere regels voor kindermarketing;
  • sport- en speelplekken;
  • steun voor kwetsbare gezinnen; en
  • een rookvrije generatie (waarbij de minimale leeftijd voor nicotinehoudende producten 21 jaar wordt).

Wat opvalt is dat het akkoord niet ingaat op het creëren van een (domeinoverstijgende) oplossing voor de bekostigingsschotten tussen de verschillende onderdelen van de zorg. Dit belemmert momenteel de verschuiving van curatieve zorg naar preventie, omdat investeringen in preventie vaak niet leiden tot besparingen binnen hetzelfde domein. Als deze schottenproblematiek niet wordt opgelost, vrezen wij dat preventie vooral een ideaal blijft. Dit terwijl het uiteraard een zeer terecht uitgangspunt is voor de zorg.

Geneeskundige zorg: passende zorg als nieuw paradigma

De coalitiepartijen willen passende zorg de norm maken. Dat houdt in dat alleen die zorg nog wordt vergoed die bewezen meerwaarde heeft voor de patiënt. Prikkels die aanzetten tot overbehandeling dienen te worden verminderd. Bij het streven naar passende zorg, hoort volgens de coalitiepartijen ook de volledige afschaffing van de vergoeding van niet-gecontracteerde zorg per 2029. Daarnaast dienen zorgverzekeraars meer ruimte te krijgen om te sturen op passende zorg, terwijl de overheid meer regie krijgt op spreiding en concentratie van zorg. In dat kader wordt kennelijk ook gewerkt aan een gelijker speelveld tussen ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra (ZBC’s), het is echter onduidelijk hoe hier concreet invulling aan wordt gegeven. Tot slot is in dit kader relevant dat het eigen risico wordt gehandhaafd, zij het geïndexeerd en verhoogd met €60 per 2027, met een maximum van €150 per behandeling.

Langdurige zorg: verdere scheiding wonen en zorg

Het coalitieakkoord beoogt een verschuiving van intramurale zorg naar nadruk op zorgzame buurten en gemeenschapsontwikkeling. Er wordt toegewerkt naar één Pakket Thuis waarbij de woon-, verblijfs- en zorgcomponent worden losgekoppeld en wordt toegewerkt naar scheiden van wonen en zorg in de ouderenzorg. Deze ontwikkeling zet de lijn van de afgelopen jaren door, met steeds meer nadruk op thuiswonen in plaats van intramurale zorg. Concreet betekent dit onder andere dat familie- en mantelzorgwoningen op eigen terrein vergunningsvrij worden en belemmeringen voor hospitaverhuur worden weggehaald.

Jeugdzorg: beperking reikwijdte aanspraken

Problemen die geen zorgproblemen zijn (zoals gevolgen van scheiding of schulden van ouders) worden verlegd naar het sociaal domein. De reikwijdte van aanspraken op jeugdzorg wordt aangepast (lees: ingeperkt) met een scherp onderscheid tussen preventie, lichte (opvoed)ondersteuning en specialistische zorg, waarbij lichte (opvoed)ondersteuning niet meer wordt gefinancierd of collectief georganiseerd. Prikkels die lichte zorg bevoordelen worden afgebouwd zodat er (meer) capaciteit komt voor complexe zorg.

Geestelijke gezondheidszorg: focus op preventie, niets over wachtlijsten

Het coalitieakkoord zet in op preventie van mentale problemen met vroege interventie en investering in programma’s op school, werk en in de wijk. De financiering en organisatie van de GGZ wordt in dat kader ook hervormd zodat er capaciteit komt voor complexe zorg, terwijl prikkels die lichte zorg bevoordelen worden afgebouwd. Opvallend genoeg besteedt het akkoord geen expliciete aandacht aan het oplossen van de forse wachttijden in de GGZ, een probleem dat al jaren speelt en waarmee veel patiënten, maar ook instellingen dagelijks te maken hebben.

Zorgfraude en private equity: felle houding

Het coalitieakkoord neemt een felle positie in ten aanzien van de aanpak van zorgfraude. Er zal worden gezorgd voor duidelijke en aangescherpte normen voor verantwoord ondernemerschap in de zorg, waaronder het inperken van de uitwassen van private equity. Dit lijkt een verdere invulling te gaan vormen van het conceptkader dat is geïntroduceerd met het wetsvoorstel Wet integere bedrijfsvoering zorg- en jeugdhulpaanbieders (Wibz). Concreet wordt nog genoemd dat:

  • het Informatieknooppunt Zorgfraude (IKZ) meer mogelijkheden krijgt voor gegevensuitwisseling;
  • zorgfraudeurs strafrechtelijk worden vervolgd en niet meer in de zorg mogen werken;
  • toezichthouders meer bevoegdheden krijgen, zoals het tijdelijk stilleggen van overnames en optreden tegen schimmige constructies;
  • een taskforce zorgfraude wordt opgericht bij de politie; en
  • bij de Kamer van Koophandel (KvK) hogere eisen worden gesteld aan het starten van een zorgbedrijf.

Met name dat laatste punt roept bij ons vragen op. De KvK is van oorsprong immers geen poortwachter voor de zorgsector en beschikt ook niet over sectorspecifieke expertise om zorgaanbieders te beoordelen. Voor toezicht op zorgaanbieders bestaat reeds de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza) en het zorgaanbiedersportaal. Het is onduidelijk welke concrete rol de KvK wordt toebedeeld in het tegengaan van zorgfraude en of deze niet overlapt met of afbreuk doet aan de bestaande toezichtstructuur via de Wtza.

Medische technologie en gegevensuitwisseling

De coalitiepartijen beogen medische technologie effectief in te zetten, zodat zorgprofessionals effectiever ingezet kunnen worden en ontzien worden van administratieve lasten. Daarnaast wordt gestreefd naar een landelijk dekkende infrastructuur voor gegevensuitwisseling voor primair en secundair gebruik. Het coalitieakkoord concretiseert niet nader hoe deze – op zichzelf zeer te waarderen – doelen gerealiseerd gaan worden door bijvoorbeeld aan te sluiten bij lopende wetgevingstrajecten zoals de EHDS.

Medische ethiek

Het coalitieakkoord gaat niet verder dan de stellingname dat het politieke en maatschappelijke debat gevoerd moet worden over medische dilemma’s en de ethische dimensie in de medische wetenschap. Een nadere koersbepaling ten aanzien van deze thema’s blijft helaas uit.

Conclusie

Het coalitieakkoord 2026-2030 bevat ambitieuze plannen met een sterke focus op preventie en passende zorg. Veel van deze ambitieuze plannen hebben nog een verdere uitwerking nodig en vergen (complexe) wetswijzigingen, waarvan de vraag is in hoeverre dit minderheidskabinet de meerderheid in de Tweede en Eerste Kamer mee kan krijgen. Ondanks de kritische kanttekeningen biedt het coalitieakkoord ook positieve aanknopingspunten voor de zorg. De erkenning dat gezondheid meer is dan genezen, maar ook preventie en de nadruk op kwaliteit van leven, markeert een welkome paradigmaverschuiving. De ambitie om structureel te investeren in preventie en vroege interventie kan op termijn leiden tot een gezondere samenleving en minder druk op de curatieve zorg.

Wij zijn benieuwd naar wat het coalitieakkoord gaat betekenen voor de zorg van morgen en hoe het kabinet onder leiding van de nieuwe minister van VWS, Sophie Hermans (VVD) hieraan uitvoering zal gaan geven.

Wilt u meer weten? Neem dan contact op met Willemien Bischot, Nick Suurmond, Benjamin Gideonse of een van onze andere collega’s van het Healthcare & Lifesciences team.

Terug
Het coalitieakkoord 2026-2030: de belangrijkste zorggerelateerde punten op een rij