Waarmee kunnen wij u helpen?

    Artikel

    Limitering van het aantal toezichthoudende functies: hoe zit het ook alweer?

    Aan het aantal toezichthoudende functies bij grote rechtspersonen (NV’s, BV’s of commerciële/semipublieke stichtingen) is een wettelijk maximum verbonden.

    Grote rechtspersonen

    Een rechtspersoon kwalificeert als ‘groot’ als is voldaan aan twee van de drie van de volgende criteria:

    1. waarde van de activa bedraagt minimaal EUR 20 miljoen
    2. netto-omzet bedraagt minimaal EUR 40 miljoen
    3. gemiddeld aantal werknemers van 250 of meer

    Voor stichtingen geldt bovendien de voorwaarde dat zij wettelijk verplicht moeten zijn tot het opstellen van een jaarrekening of daaraan gelijkwaardige financiële verantwoording. Zorginstellingen met een WTZi-toelating zijn volgens de Regeling jaarverslaggeving WTZi verplicht tot het opstellen van een dergelijke financiële verantwoording (de jaarverslaggeving). Hetzelfde geldt voor onderwijsinstellingen op grond van de Regeling jaarverslaggeving onderwijs. Daarmee kunnen semipublieke stichtingen in de zorg- en onderwijssector dus ook onder de limiteringsregels vallen, mits ook is voldaan aan twee van de drie van de overige criteria.

    Verder geldt voor stichtingen dat voor de drempelwaarden ten aanzien van de netto-omzet (c.q. bedrijfsopbrengsten) en het aantal werknemers alleen wordt gekeken naar het deel van de stichting waarmee een onderneming in stand wordt gehouden. Omdat voor zorginstellingen over het algemeen geldt dat – met de zorg die wordt verleend – een onderneming in stand wordt gehouden, heeft deze norm voor hen in beginsel weinig betekenis voor hun eventuele kwalificatie als grote stichting.

    De maximeringsregels zijn pas van toepassing als de rechtspersoon op twee opvolgende balansdata als ‘groot’ kwalificeert.

    Combinatie bestuurs- en toezichtfuncties

    Iemand die meer dan twee toezichthoudende functies vervult bij een grote rechtspersoon kan niet tot (formele of statutaire) bestuurder van een andere grote rechtspersoon worden benoemd. Datzelfde geldt voor iemand die voorzitter is van een toezichthoudend orgaan of one-tier board. Dergelijke voorzitterschappen tellen dubbel.

    Opvallend is dat de wet hiermee weliswaar voorziet in de mogelijkheid te voorkomen dat personen die het maximumaantal toezichthoudende functies overschrijden tot bestuurder worden benoemd, maar dat het omgekeerde wel mogelijk is. Iemand die bestuurder is kan namelijk wel in een toezichthoudende functie worden benoemd waarmee het wettelijk maximum wordt overschreden.

    Het aantal bestuursfuncties bij grote rechtspersonen is in beginsel niet wettelijk gemaximeerd. De Minister zag hier geen aanleiding voor, omdat bestuursfuncties bij grote rechtspersonen normaliter fulltime functies zijn. Voor de financiële sector bestaan wel sectorale limiteringsregelingen op grond waarvan het aantal te vervullen bestuursfuncties tot een maximum wordt beperkt.

    Limitering aantal toezichtfuncties

    Personen die vijf of meer toezichthoudende functies hebben bij een grote rechtspersoon kunnen niet tot toezichthouder van een andere grote rechtspersoon worden benoemd. Ook hier telt een voorzitterschap van een toezichthoudend orgaan of een one-tier board dubbel.

    Dit betekent dus bijvoorbeeld dat een persoon maximaal twee voorzitterschappen van toezichthoudende organen van grote rechtspersonen kan combineren met een ‘gewone’ toezichthoudende functie van een grote rechtspersoon.

    Uitzonderingen

    Een uitzondering op de limiteringsregeling wordt gemaakt voor benoemingen bij groepsmaatschappijen. Dergelijke benoemingen worden geteld als één functie. Ook wordt een uitzondering gemaakt voor tijdelijke benoemingen van bestuurders of toezichthouders door de Ondernemingskamer in het kader van een enquêteprocedure.

    Gevolg van niet-naleving?

    Een benoeming die in strijd is met de maximumvereisten is nietig. Dat heeft voor de besluitvorming tot gevolg dat de stem van deze bestuurder of toezichthouder niet meetelt. Het wegvallen van een stem kan van belang zijn voor de stemverhoudingen en voor het al dan niet behalen van het benodigde aantal stemmen voor het nemen van een besluit. Een nietige benoeming heeft op zichzelf overigens geen gevolgen voor de rechtsgeldigheid van de besluitvorming die plaatsvindt.

    Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Willemien Bischot of Marieke Bettelheim.