Waarmee kunnen wij u helpen?

    Nieuws

    Einde ruling na aanpassing fiscale antimisbruikmaatregelen?

    De Staatssecretaris van Financiën heeft een overgangsregeling aangekondigd voor rulings die geraakt worden door aanpassingen van de Europese Moeder-Dochterrichtlijn. Zoals wij eerder berichtten zal Nederland deze aanpassingen implementeren in de 'buitenlands aanmerkelijkbelangregeling' en de regelingen omtrent de 'dividendbelastingplicht voor coöperaties'. Deze regelgeving treedt 1 januari 2016 in werking.

    Onder de huidige wetgeving kunnen buitenlandse investeerders die een belang van minimaal 5% in een Nederlandse entiteit houden onder bepaalde omstandigheden voor zowel dividenden als vervreemdingswinsten in de Nederlandse belastingheffing worden betrokken. Per 1 januari 2016 is deze antimisbruikmaatregel niet van toepassing indien een structuur is opgezet op grond van geldige zakelijke redenen die de economische realiteit weerspiegelen.

    Het is mogelijk om over de toepassing van de antimisbruikmaatregel een ruling met de Belastingdienst te sluiten. In rulings staat over het algemeen een bepaling dat de ruling vervalt bij een 'relevante wetswijziging'. De staatssecretaris had al eerder aangegeven dat de wijziging van de antimisbruikmaatregel gevolgen kan hebben voor rulings afgegeven aan buitenlandse tussenhoudsters. Indien een buitenlandse tussenhoudster namelijk geen materiële onderneming uitoefent, maar wel een schakelfunctie vervult, zal deze als gevolg van de wetswijziging per 1 januari 2016 over voldoende substance in het buitenland moeten beschikken.

    Om te voorkomen dat de afgegeven rulings per 1 januari 2016 direct vervallen in situaties waarin een dergelijke tussenhoudster niet aan de substance-eisen voldoet, heeft de Staatssecretaris van Financiën een overgangsregeling getroffen. Op grond hiervan vervalt een ruling niet indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

    a) Belanghebbenden melden zich voor 1 januari 2016 schriftelijk bij de Belastingdienst;
    b) Belanghebbenden spreken hierbij de intentie uit voor 1 april 2016 te voldoen aan de substance-eisen;
    c) Belanghebbenden verklaren hierbij tevens dat zij erkennen dat de ruling komt te vervallen per 1 januari 2016 indien niet voor 1 april 2016 aan de substance-eisen is voldaan; en
    d) Belanghebbenden dienen voor 1 mei 2016 de Belastingdienst adequaat te informeren of is voldaan aan de substance-eisen.

    Tot het moment dat aan de substance-eisen wordt voldaan worden dividenduitkeringen uit, of vervreemding van dit aanmerkelijk belang belast. Dit geldt ook voor opbrengsten uit het lidmaatschapsrecht in een coöperatie.

    Om onzekerheid te voorkomen dienen buitenlandse tussenhoudsters die een ruling hebben afgesloten over de uitleg van de antimisbruikmaatregel en meer tijd nodig hebben om aan de substance-eisen te voldoen, zich voor 1 januari 2016 te melden bij de Belastingdienst.

    Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Sander van Berkel of Thomas Dasselaar.