Waarmee kunnen wij u helpen?

    Artikel

    'Dockers clausule' mogelijk in strijd met mededingingsrecht

  • NL EN
  • De Non-Seafarers Work Clause, in de volksmond ook wel de Dockers' clause, die onderdeel uitmaakt van een groot deel van de arbeidsovereenkomsten van zeevarenden, is mogelijk in strijd met het mededingingsrecht. Dat oordeelde de rechtbank Rotterdam onlangs in een kortgedingprocedure.

    Partijen

    De procedure was aangespannen door de internationale vakbond International Transport Workers' Federation (ITF) - die opkomt voor de belangen van de bij haar aangesloten (lokale) vakbonden voor zeevarenden en havenwerkers - en drie van dergelijke bij haar aangesloten vakbonden (Nautilus, Ver.di en FNV Havens). Zij sleepten Marlow - een internationaal concern dat actief is op het gebied van scheepsmanagement en in dat kader scheepsbemanningen ter beschikking stelt – en Expert Shipping B.V. (hierna: de Reder) - eigenaar van een schip dat wordt bemand door zeevarenden in dienst van Marlow - voor de rechter. Een aantal bedrijven dat actief is in de Europese short sea en feeder transport (hierna: de Charterers) had zich aan de zijde van gedaagden gevoegd.

    Non-Seafarers Work Clause

    Volgens de vakbonden houden Marlow en de Reder zich ten onrechte niet aan de Non-Seafarers Work Clause door sjorwerkzaamheden te laten uitvoeren door zeevarenden terwijl die werkzaamheden door havenwerkers uitgevoerd zouden moeten worden. Meer specifiek bepaalt deze clausule het volgende:

    "Neither seafarers nor anyone else on board whether in permanent or temporary employment by the Company shall carry out cargo handling services in a port, at a terminal or on board of a vessel, where dock workers, who are members of an ITF affiliated union, are providing the cargo handling services. Where there are not sufficient numbers of qualified dock workers available, the ship's crew may carry out the work provided that there is prior agreement of the ITF Dockers Union or ITF Unions concerned; and provided that the individual seafarers volunteer to carry out such duties; and those seafarers are qualified and adequately compensated for that work. For the purpose of this clause 'cargo handling services' may include but is not limited to: loading, unloading, lashing, checking and receiving."

    De Dockers' Clause is onderdeel van de afspraken omtrent beloning en arbeidsvoorwaarden die op internationaal niveau door vakbonden en werkgevers(organisaties) zijn uitonderhandeld. Het is de bedoeling dat deze afspraken worden geïmplementeerd in de collectieve en individuele arbeidsovereenkomsten van zeevarenden. Ten aanzien van (de bemanning van) het schip waar het in deze zaak om gaat heeft de Reder met vakbond Nautilus een Special Agreement gesloten waarin de Dockers' Clause is opgenomen. Ook Marlow heeft deze Special Agreement ondertekend.

    Marlow en de Reder stellen echter dat zij niet aan nakoming van de Dockers' Clause kunnen worden gehouden.

    Strijd met het mededingingsrecht?

    Volgens de Reder is sprake van strijd met het kartelverbod. Zo verhindert de clausule de concurrentie tussen scheepsexploitanten; zij kunnen immers niet meer concurreren met het verrichten van sjorwerkzaamheden en dus niet meer op flexibiliteit en kostenefficiëntie. Ook de concurrentie tussen bevrachters (dan wel ship managers en bemanningsagentschappen) enerzijds en sjorbedrijven anderzijds wordt beperkt omdat alle sjorwerkzaamheden zijn voorbehouden aan de aan de ITF gelieerde sjorbedrijven. Bovendien verhindert de clausule innovatie op het gebied van sjorwerkzaamheden; waar scheepvaartbedrijven streven naar innovatieve vooruitgang ontbreekt die prikkel daartoe voor sjorbedrijven, zij hebben immers de zekerheid van werk en inkomen al. Tot slot brengt de clausule extra kosten en efficiencyverlies voor short sea transport met zich, waardoor de concurrentie tussen deze bedrijven en andere vervoersmodaliteiten (bijvoorbeeld over de weg) ook wordt beperkt.

    CAO-uitzondering?

    Volgens de vakbonden valt de afspraak als onderdeel van een cao buiten het bereik van het mededingingsrecht. De Dockers' clausule zou de uitkomst zijn van een sociale dialoog, voor een verbetering van de werkomstandigheden (veiligheid) van zeevarenden zorgen en daarnaast ook een positief effect hebben op de werkgelegenheid van havenwerkers.

    De voorzieningenrechter acht het niet ondenkbaar dat het beroep op strijd met het mededingingsrecht – net zoals het beroep op strijd met de redelijkheid en billijkheid - in een bodemprocedure stand zal houden. De voorzieningenrechter kijkt hierbij naar de uitzonderingssituatie die volgt uit het Europese Albany-arrest en geldt voor collectieve arbeidsovereenkomsten. Volgens de rechter is op dit moment nog onvoldoende duidelijk of de Dockers' clause bijdraagt aan verbetering van de arbeidsvoorwaarden voor zeevarenden. Alhoewel er goede redenen kunnen zijn dat bepaalde werkzaamheden alleen door specialisten zouden moeten worden uitgevoerd, maakt de uitzondering dat bemanningsleden deze sjorwerkzaamheden tóch mogen uitvoeren indien er niet genoeg havenwerkers beschikbaar zijn, deze argumentatie wel zwakker. Volgens de rechter heeft vooral een groep werknemers uit een andere sector baat bij naleving van de clausule; namelijk de havenwerkers.  De vorderingen van de vakbonden worden afgewezen.

    Conclusie

    Gezien het feit dat bemanningsleden de sjorwerkzaamheden mogen uitvoeren indien er geen havenwerkers beschikbaar zijn, lijkt de Dockers clausule niet gerechtvaardigd te worden door veiligheidsoverwegingen maar lijkt eerder sprake van een ongeoorloofde vorm van marktverdeling. Wij zijn dan ook benieuwd hoe de klacht omtrent deze bepaling, die de Charterers bij de Europese Commissie hebben ingediend tegen ITF en FNV Havens, zich zal ontwikkelen.

    Download ons hoofdstuk over Verticale overeenkomsten in Nederland