Waar kunnen we u mee helpen?

    Artikel

    Nieuwe moederentiteit tijdens kartelinbreuk

    Bij arrest van 1 februari 2018 heeft het Europese Hof van Justitie (het Hof) het beroep van Deutsche Bahn en Schenker tegen de uitspraak van het Gerecht van 29 februari 2016 verworpen. Deze uitspraak van het Gerecht had betrekking op een Commissiebeschikking van 28 maart 2012 waarbij Schenker China, rechtsopvolger van het inmiddels niet meer bestaande Bax Global (China), aansprakelijk werd gehouden voor deelname van Bax Global (China) aan een luchtvrachtvervoerskartel waarbij afspraken werden gemaakt over bepaalde prijstoeslagen.

    In hoger beroep voerden Deutsche Bahn en Schenker het volgende aan. Bax Global (China) werd twee maanden vóór beëindiging van de kartelinbreuk overgenomen van The Brink's Company door Deutsche Bahn. Op het moment van de boetebeschikking bestond Bax Global (China) niet meer. De Europese Commissie (Commissie) hield vervolgens enkel Schenker, een dochter van Deutsche Bahn, aansprakelijk voor het gedrag van Bax Global (China) als 'economisch opvolger'. Volgens Deutsche Bahn en Schenker zijn The Brink's Company en Schenker echter hoofdelijk aansprakelijk voor de kartelinbreuk. 

    Discretionaire bevoegdheid Commissie

    Het Hof gaat niet mee in deze redenering van Deutsche Bahn en Schenker, en stelt dat de Commissie haar discretionaire bevoegdheid juist heeft gebruikt door alleen Schenker aansprakelijk te houden. Het Hof voert daartoe het volgende aan:

    • De mogelijkheid een moedermaatschappij te beboeten voor verboden kartelafspraken die haar (inmiddels overgenomen en inmiddels niet meer bestaande) dochter heeft gemaakt impliceert geen plicht daartoe;
    • De Commissie dient in haar beoordeling rekening te houden met de fundamentele rechten van de Europese Unie, in het bijzonder het beginsel van gelijke behandeling;
    • Ten tijde van het besluit van de Commissie had de overname van Bax Global (China) reeds plaatsgevonden, waardoor Bax Global (China) onderdeel uitmaakte van de groep van Schenker. Daarom wordt de kartelinbreuk van Bax Global (China) toegerekend aan Schenker als economische opvolger; en
    • De Commissie kan op rechtseconomische gronden overwegen zich slechts op de (moeder van de) rechtsopvolger te zullen richten.

    Conclusie

    Het Hof bevestigt in deze uitspraak dat de Commissie een discretionaire bevoegdheid toekomt als het gaat om het aansprakelijk houden van een huidige moederentiteit, de voormalige moederentiteit of zowel de huidige als de voormalige moederentiteit bij kartelinbreuken van een al dan niet (ex-)dochter. Het staat de Commissie vrij om deze discretionaire bevoegdheid te gebruiken, mits fundamentele rechten van de Europese Unie worden geëerbiedigd. Het Hof geeft daarbij niet aan wanneer fundamentele rechten door de Commissie zouden kunnen worden geschonden.

    Deze uitspraak bevestigt dat hoofdelijke aansprakelijkheid kan worden doorgetrokken naar een moederbedrijf dat initieel weinig of geen invloed heeft gehad op de gedraging van het overgenomen bedrijf en benadrukt het belang van het doen van due diligence. Bij gebreke hiervan kan een nieuwe moederentiteit immers in een lastig parket komen – zo blijkt uit deze uitspraak.