Publicatie
Mededingingsrecht en lifecycle management in de geneesmiddelensector: Reckitt Benckiser’s ‘White Tiger’ versus ‘the G-button’
15-06-2012
bron: Tijdschrift Mededingingsrecht in de Praktijk, nummer 3, mei 2012 / SDu uitgevers
Bij geneesmiddelen is, zo volgt uit de rechtspraak, al vrij snel sprake van nauwe relevante productmarkten. Daarbij is het eerder regel dan uitzondering dat producenten van merkgeneesmiddelen (originators) op die nauwe productmarkten met een (aflopend) octrooi hoge marktaandelen en machtsposities hebben. Dat neemt niet weg dat originators steevast op enig moment concurrentie van generieke geneesmiddelenproducenten (generics) ondervinden. Zij houden bij het lifecycle management van hun geneesmiddelen ook rekening met de (op)komst van de generics. Daarbij is mededingingsrechtelijk gezien niet alles geoorloofd: het marktgedrag van originators wordt geacht steeds verenigbaar te zijn met het kartelverbod en het verbod op misbruik van een economische machtspositie.
Mogelijke overtredingen van het Europese mededingingsrecht in de geneesmiddelensector staan hoog op de agenda bij diverse mededingingsautoriteiten. In deze bijdrage worden, aan de hand van de Reckitt-zaak, de do’s en dont’s bij lifecycle management van geneesmiddelen beschreven. Daarbij wordt ook antwoord gegeven op vragen als: welke ruimte laat de ‘competition on the merits’ toets voor het lifecycle management van originators? Welke rol spelen intenties van originators bij de kwalificatie van hun gedrag als misbruik van een machtpositie? Hoe gaan originators als Reckitt, AstraZeneca, Schering Plough en Pfizer om met de visie en aanpak van de mededingingsautoriteiten? Dit wordt toegelicht door de Reckitt-zaak af te zetten tegen zaken in Nederland, Frankrijk en Italië.
In de bijdrage wordt ook ingegaan op de wisselwerking tussen publiek- en privaatrecht in de vorm van schadeverhaalsacties door afnemers. Hierbij komen ontwikkelingen in buiten- en binnenland, zoals t.a.v. de Wet collectieve afhandeling massaschade, aan bod.

